U hebt er vast al wel eens over gehoord; de werkkostenregeling (WKR). De werkkostenregeling vervangt alle verschillende regels en wetten rondom de verschillende vergoedingen en verstrekkingen aan werknemers, en bundelt deze in één collectieve regeling. In feite is het een versimpeling, maar natuurlijk brengt het voor u als werkgever in eerste instantie een hoop papierwerk en zorgen met zich mee. Sinds 2011 kunt u met uw bedrijf gebruik maken van de werkkostenregeling en sinds 1 januari 2015 is de WKR voor elke werkgever verplicht. Tot 1 januari 2011 bestond de regelgeving rondom vergoedingen en verstrekking aan werknemers uit een wirwar van verschillende regels. Zo bestonden er verschillende regels voor het fietsplan, voor bedrijfsfitness, voor mobiele telefoons en de laptop van de zaak etc. Vanuit de werkgevers kwam terecht het verzoek om deze regelgeving te versimpelen. Als reactie hierop introduceerde minister De Jager van Financiën de werkkostenregeling. Volgens de werkkostenregeling van 2011 mochten de werkgevers 1.4% van de totale fiscale loonsom van de organisatie, de zogenaamde forfaitaire ruimte, besteden aan vergoedingen en verstrekkingen. Werkgevers kregen de keuze om direct aan deze regeling mee te doen of nog volgens de oude voorwaarden de boekhouding te regelen. Pas per 2014 zou de regeling verplicht worden gesteld. Sinds de introductie in 2011 is het nodige aan de werkkostenregeling gewijzigd. Met ingang van 1 januari 2013 werd de forfaitaire ruimte verhoogd naar 1.5%, omdat in de praktijk bleek dat 1.4% te laag was om de uitgaven te dekken. In april 2013 werd de verplichte invoering van de WKR uitgesteld, waar het eerst 2014 was, is dit 2015 geworden. Werkgevers hadden dus nog een jaar langer de tijd om te wennen aan de regeling en zich de details ervan eigen te maken. Op 4 juli 2014 werd er eindelijk meer informatie gegeven over de werkkostenregeling door de nieuwe staatssecretaris van Financiën, Eric Wiebes.

http://www.cbbs.nl/